Introductie heren Mastersploeg

Geplaatst op 29-03-2022  -  Categorie: Algemeen

Wedstrijdverslag Head, Tweehead, oproep roeiers.mgl1809-panorama-mwc-198-ver-weg-c-1

Sinds afgelopen seizoen werken we hard om een nieuwe Mastersploeg binnen MWC vorm te geven. En met redelijk succes. We hebben inmiddels een groep van 8 roeiers, twee stuurtjes en een coach. Daarmee is de basis gelegd. We nemen allemaal onze ervaring mee als jeugd- of studentroeier. De ploeg bestaat uit veteranen uit het in de leeftijdscategorie tussen ongeveer 25 en 35 jaar, Masters categorie A.

Afgelopen winter hadden we de luxe om vanuit Saurus door te trainen. Met Hans Kroon als coach en in de luwte van de Zuid-Willemsvaart konden we de techniek (hoognodig) bijschaven.

Al vorig jaar in November was er een delegatie aanwezig op de Novembervieren. Maar nu de ploeg langzaam maar zeker meer vorm krijgt, de trainingen wat frequenter plaatsvinden, stonden ook voor dit jaar de eerste metingen met de rest van roeiend Nederland in de kalender: de Head en de Tweehead.

Elk jaar in maart wordt in Amsterdam de Head of the River Amstel gevaren. Een langeafstandswedstrijd van 8 kilometer over de bochtige Amstel. Het is altijd een bijzonder evenement. Duizenden deelnemers uit binnen- en buitenland zetten hun beste beentje voor om een goede prestatie neer te zetten. Hier wordt het kaf van het koren in de roeiwereld gescheiden. Vanwege het groot aantal deelnemers, wordt de wedstrijd over twee dagen verspreid. Een weekend later wordt traditioneel de Tweehead en de Skiffhead verroeid over hetzelfde parcours. Twee heel vergelijkbare wedstrijden, maar in heel andere boten.

De Head kan worden verroeid in een 8+, 8* of in een 4*. De Tweehead enkel in tweetjes (2x of 2-) en de Skiffhead in.. ja.. een skiff.  Beide wedstrijden werken volgens hetzelfde principe. Na het oproeien vanuit Amsterdam starten de ploegen achter elkaar vanuit Ouderkerk aan de Amstel richting Amsterdam. De korte tussenpozen tussen de ploegen zorgt ervoor dat er regelmatig ingehaald moet worden. Het vaak woelige water, het bochtige parcours en het gevecht om de ideale lijn die daar bij hoort vergt veel van roeiers èn van de stuurman (als je die meehebt..). Voor toeschouwers spektakel. Voor de roeiers (en stuurman…) soms afzien.

Head 
Zaterdag 19 maart startten we als ploeg eerst de Head. 
Voor de gelegenheid is daarvoor een snel Italiaans racemonster (Filippi 8+) van Saurus geleend. Praktisch met vervoer, maar ook extra lekker roeien. Niet alleen de boot kwam van Saurus. We startten als club8 met twee enthousiaste jonge honden van Saurus aan boord – maar wel onder de MWC-vlag. Het clubveld is een notoir taai veld; het bestaat grotendeels uit fanatieke studentroeiers, ervaren jeugdroeiers en oud-wedstrijdroeiers. Dit levert een onvoorspelbare mengeling van talent en kwaliteit op. Het kan slecht weer zijn op de Amstel in maart, maar het leek een prachtige roeidag te worden. 14 graden met een zonnetje. Daar komt een roeier zijn bed wel voor uit.

Dus op naar Amsterdam. De boot van de botenwagen, riggers erop en de twee delen van de acht aan elkaar gebout.  
De opdracht van de coach aan de roeiers was eenvoudig. De eerste kilometer steady weg. Elkaar opzoeken, het water en de boot aanvoelen. Daarna vanuit kracht bouwen, bouwen, bouwen en de boot meenemen en tot slot hard finishen. Al tijdens het oproeien merken we dat dat mooie weer maar schone schijn bleek. Windkracht 4-5 en het bochtige parcours maken dat de wind dan steeds uit een andere hoek komt. Dit maakt het roeien een stuk lastiger.

Tijdens de race speelt die onvoorspelbare wind ons parten. De soepele, krachtige halen van de trainingen op de Zuid-Willemsvaart zijn moeilijk te evenaren op de woelige Amstel. Met vlagen hebben we ‘m lekker te pakken en lopen we haal voor haal in op onze voorgangers van Skøll. Op andere momenten moeten we de meerdere erkennen in de tegenwind en wordt de afstand tussen beide achten alleen maar groter.

Voor onze vrouwelijke stuurman (Coco Walstra) is het ook een tactisch spel. Scherp sturen kan vooral in de ‘Hoerenbocht’ een wereld van verschil maken, maar ondertussen moet er ook rekening gehouden worden met de ploegen die in de buurt varen. Op de juiste moment een 3-op-10 dus, niet teveel maar ook niet te weinig communiceren met de roeiers, en de plek op de baan in de gaten blijven houden.

Steady varen blijft lastig, maar uiteindelijk zorgt de gezamenlijke inspanning voor een plek midden in ons veld. We doen mee, en varen niet achteraan. Met een 11e plek in een veld van 20 zijn we zeker niet ontevreden, maar is er nog veel ruimte voor verbetering.
 

Tweehead

Zaterdag 26 maart trok een gedeelte van de ploeg opnieuw naar de hoofdstad. Chris van Oostrum en Luc Timmermans startten de Tweehead in de tweezonder. Onze ploeggenoot Richard Dings en trouwe fan Carlijn Wiertz waren mee voor mental support, aanmoediging en om aanvaringen te voorkomen. whatsapp-image-2022-03-27-at-5-54-51-pm

De tweezonder is – meer nog dan de dubbeltwee – gevoelig voor wind. We rekenen dus op minder wind dan vorig weekend. Al tijdens het oproeien merken we dat het met de wind dit keer gelukkig wel mee zit. Stevige bries, maar niets waar wat ons het roeien belemmert. Verder een prachtig zonnetje en weinig golven. In Ouderkerk is het een ontspannen chaos van tweezonders en dubbeltweeën die hun plekje achter de startlijn proberen te zoeken.

Als de starttijd nadert, spreken we elkaar nog wat moed in, hijsen we de pakjes omhoog zodat onze rood-blauwe clubkleuren goed zichtbaar zijn en zien we onze meefietsers de kans hebben gegrepen om snel een ijsje te halen.

Omdat er geen andere inschrijvingen in onze categorie (Masters A) waren, is ons veld samengevoegd met het ‘open’ Heren tweezonder-veld. De tegenstand bestaat dan opeens uit twee boten van Nereus. In één van de twee een bekende op slag: oud-MWC’er Jasper Joordens (die vorig jaar nog de Henley Royal Regatta won en in de bondsacht het WK U23 roeide…). Na een respectvol knikje over en weer, is iedereen in wedstrijdfocus zichzelf gereed aan het maken voor de start.

 Een indeling in een ander (veel sneller) veld betekent ook dat we vrijwel vooraan moeten starten. Dus: Oppakken, doorbouwen, “door”. De klok loopt. Hard uit de start. We kennen elkaar, we kennen de boot, we voelen wat er gebeurt. We hebben samen ontelbare halen gemaakt. Goed druk pakken, maximaal benen. Haal na haal. De eerste Nereusboot is voor ons snel vertrokken, de tweede blijft op enige afstand voor ons. Hierdoor zit niemand in elkaars vaarwater. De dubbeltweeën die achter ons starten weten we heel lang op afstand te houden.

Dat betekent dus een lege Amstel, en maximaal doorploegen met z’n tweeën. Dat lukt wonderwel goed. Chris bestuurt met zijn voet een minuscuul roertje aan het schegje van de boot, waarmee hij ons de bochten van de Amstel door slingert. Goed kijken, kleine bewegingen en zo keer op keer de snelste koers bepalen. Voor Luc schuiven met de blik op oneindig alle ijkpunten voorbij. De molen, de Hoerenbocht, het Kalfje, de Rozenoordbrug, halverwege! Vanaf hier komt de bebouwing en daarmee ook het kanaliseren van de wind.

Dapper elke haal druk blijven pakken op de benen lukt wel, we zijn immers goed op elkaar ingespeeld en voelen elkaar goed aan in de haal. Maar na ruim vier kilometer gaan die hard werkende benen wel wat tegensputteren. Het zuur stapelt zich op in de spieren. Opgeven is echter geen optie, dat doen de andere ploegen ook niet! Er zit dus niets anders op dan jezelf er van te overtuigen dat de rest meer pijn heeft, terwijl je blijft door duwen, sterk zitten en de haal elke keer harder probeert neer te zetten!

De Utrechtse brug gepasseerd op naar de Omval, doorversnellen en trappen! De Omval is de laatste bocht in de race, vanaf dan is het alleen maar rechtdoor met halverwege de Berlagebrug met zijn smalle bruggaten. Op het eind zijn krachten lijnt Chris de boot perfect op voor het snelle bruggat van de Berlagebrug. Op het moment dat we hier onderdoor komen gaat ook gelijk het lichtje van bewustzijn uit. De pijp is wel zo’n beetje leeg, maar moeten we nog 750 meter. Dit resulteert in een wanhopige uitroep van Chris, “ik heb geen idee waar de finish is!” Hier op weet Luc gelukkig te zeggen, “bij de Hoop!” Ja bij de Hoop, laten we dat maar hopen!

Op karakter dan maar. Want ook dat kunnen we. Dapper blijven duwen, proberen het soepel te blijven houden en herhalend tegen elkaar roepen dat het harder moet.

De verlossende toeter van de finish klinkt eigenlijk 50 halen te laat. Eindelijk kunnen we over naar een licht gehandicapte light-haal. Je merkt immers pas na de finish dat je je handen helemaal stuk hebt getrokken aan de soft-grips, en hoe diep je bent gegaan.

Terugroeien naar RIC is dan helemaal niet leuk meer, je handen kapot en overal irritante sloepjes die kennelijk nog langzamer varen dan de Wouwaap met twee uitgebluste roeiers. Maar het biertje waarmee je op het vlot wordt onthaald smaakt daardoor wel extra lekker!

Uiteindelijk finishen we in een acceptabele tijd van 32 minuut en 29 seconde. Uiteraard is dit niet genoeg voor de winst in het open veld, maar wel een tijd waarmee we bovenin het masters-veld geëindigd zouden zijn. We hebben alles gegeven, en meer zat er echt niet in!

Een appje leert dat Hans tevreden is met de geroeide tijd. En als de coach tevreden is, zijn de roeiers dat ook.

Oproep: 
We gaan er vanuit dat het een mooi (boord)roeiseizoen gaat worden! Binnenkort roeien we weer ouderwets op de Maas, vanuit ons eigen clubgebouw. Heb je ervaring met boordroeien en ambities om fanatiek te roeien? Laat het weten aan Chris van Oostrum of Luc Timmermans. Meetrainen kan altijd!